DEN HAAG – Een gedwongen krimp van de veestapel lijkt
vooralsnog nodig om de stikstofuitstoot in 2035 voldoende te verminderen.
Zonder aanvullende maatregelen blijft het kabinetsdoel van 42 procent minder
ammoniakuitstoot door de landbouw buiten bereik, concludeert het Planbureau
voor de Leefomgeving (PBL) na een analyse van de stikstofplannen. Het aantal
rechten om dieren te houden zou dan met 5 tot 10 procent moeten worden
verminderd.
Het kabinet presenteerde in juni een omvangrijk
maatregelenpakket om Nederland uit de stikstofcrisis te halen. Daarin staan
onder meer uitstootdoelen per boer en zones rond natuurgebieden. Als die aanpak
onvoldoende effect heeft, geldt een korting op de dierrechten in 2035 als
uiterste middel.
Resterend gat
Het PBL rekende de plannen door voor zover die voldoende
waren uitgewerkt. Samen met bestaande maatregelen zouden ze de ammoniakuitstoot
met ongeveer 40 procent verminderen ten opzichte van 2019. Daarmee blijft een
tekort bestaan ten opzichte van het kabinetsdoel.
Dat gat kan mogelijk worden gedicht met aanvullende
maatregelen, bijvoorbeeld bij het uitrijden van mest. Landbouwminister Jaimi
van Essen (D66) wil zulke maatregelen nemen, maar volgens het PBL zijn die
voornemens nog te weinig concreet om in de berekeningen mee te nemen.
De berekening gaat er bovendien van uit dat alle
aangekondigde maatregelen volledig worden uitgevoerd. Als dat niet lukt, wordt
het tekort groter en kan ook een zwaardere krimp van de veestapel nodig zijn.
De doelstelling van 42 tot 46 procent minder
stikstofuitstoot door de landbouw komt voort uit de stikstofcommissie van het
kabinet-Schoof. Volgens het PBL is echter niet duidelijk op welke ecologische
onderbouwing dat percentage is gebaseerd.
Risico op minder investeringen
Het PBL is kritisch op het dwangmiddel dat het kabinet
achter de hand houdt. Boeren kunnen hun individuele uitstootdoel halen en toch
dieren moeten wegdoen als het landelijke doel niet wordt bereikt. Die
onzekerheid kan hen ervan weerhouden te investeren in verduurzaming, waarschuwt
het planbureau.
Volgens het PBL vragen de plannen „het uiterste” van zowel boeren
als overheid. Boeren moeten fors investeren om hun doelen te halen, terwijl de
overheid die doelen nog in wetgeving moet vastleggen. Ook moet het tempo van
herstelmaatregelen in natuurgebieden volgens het planbureau „zeer fors omhoog”.
Minister wil krimp voorkomen
Minister Van Essen zegt dat alles erop is gericht een
gedwongen krimp van de veestapel te voorkomen. Volgens hem kunnen de
stikstofdoelen met het maatregelenpakket worden gehaald zonder een „generieke
korting” op de rechten om dieren te houden.
Bron: Planbureau voor de Leefomgeving